Volg ons op Facebook!

Volg ons op Facebook en blijf op de hoogte van de laatste berichten uit het veld!


Home » Doelstellingen » AWP Speerpunten voor herziening van de Waterschapsbelastingen

Speerpunten AWP voor Aanpassing Belastingstelsel Waterschappen





Doel van deze notitie

19 maart 2016 - Deze notitie ‘Speerpunten Aanpassing Belastingstelsel Waterschappen’ geeft aan aan welke speerpunten de Algemene Waterschapspartij prioriteit geeft. In de keuze van speerpunten heeft het landelijk bestuur zich met opzet beperkt tot enkele, herkenbare speerpunten. Het landelijk bestuur vraagt de lokale afdelingen om de landelijke speerpunten in te brengen in de lokale discussie, met uiteraard de ruimte om lokale accenten te leggen in overeenstemming met de lokale omstandigheden.

1. Tarief voor categorie Natuur normaliseren

categorie Natuur voldoet nu niet aan trits: belang, betaling, zeggenschap

De Algemene Waterschapspartij vindt het wenselijk dat de Categorie Natuur een tarief betaalt dat in overeenstemming is met de werkelijke kosten. Natte natuur vergt naast vaak hoge investeringen ook hoge exploitatiekosten. Deze investeringen en kosten moeten nu door de andere Categorieën worden opgebracht.

De Algemene Waterschapspartij acht het bovendien wenselijk voor de rechtvaardiging van de ‘geborgde belangen’ in het waterschapsbestuur dat ook de categorie Natuur substantieel bijdraagt aan de kosten van het waterbeheer, gezien vanuit de trits ‘belang, betaling, zeggenschap’.

Het aanleggen en in stand houden van natuur is een belangrijk en collectief goed,  waarvan de kosten voor een transparantie en heldere afweging gelegd moeten worden waar ze thuis horen en dus ook collectief behoren te worden gefinancierd.

Binnen de watersysteemheffing leidt het kunstmatig lage tarief voor natuurterreinen in een aantal waterschappen tot steeds grotere problemen. Daarmee worden de kosten voor het waterbeheer afgewenteld op de overige belastingplichtigen. Omdat de categorie Natuur wel zeggenschap heeft en vaak veel investeringen en exploitatiekosten vraagt, wringt dat. Deze hoge kosten rechtvaardigen dan geen lager tarief dan de categorie Ongebouwd. Momenteel wordt de waarde voor natuurgrond gesteld op 20% van de landbouwwaarde in de directe omgeving.

Omdat natuur als aparte categorie wordt berekend, komt de waarde van infrastructuur (wegen en spoorwegen, etc.) terecht  bij de categorie Ongebouwd. Zo wordt het verschil in uiteindelijk tarief t.o.v. van het gewone tarief Ongebouwd veel groter dan het voorgeschreven verschil in waardering.

Het recente arrest van de Hoge Raad in de vele procedures over wat tot natuur mag worden gerekend, wordt door belastingkantoren vanwege praktische (on)uitvoerbaarheid ruim uitgelegd. Op deze wijze wordt een steeds meer areaal aan gronden toegevoegd aan een categorie Natuur, die een heel laag tarief betaalt. Steeds meer groepen en ook agrariërs proberen juridisch onder dit lage ‘natuur-tarief’ te komen. En wanneer landbouwgrond wordt omgevormd tot natuur stijgen automatisch de belastingtarieven voor de overblijvende agrarische bedrijven.

2. Kwijtschelding waterschapsbelasting herijken

Inkomensbeleid is géén traak van de waterschappen

De Algemene Waterschapspartij vindt in beginsel dat inkomensbeleid géén taak is van de waterschappen. De waterschappen kennen geen progressieve belastingen zodat de ‘sterke schouders’ solidair kunnen zijn met de ‘zwakke schouders’, noch een financiering vanuit het Rijk om invulling te geven aan het Armoedebeleid. 

Naar de mening van de Algemene Waterschapspartij is de huidige situatie rond kwijtschelding van waterschapslasten op langere termijn niet houdbaar, in het bijzonder niet voor waterschappen met grote steden in hun beheersgebied. In de waterschappen met grote steden in hun gebied zorgt de 100% kwijtscheldingsnorm voor steeds forsere tariefstijgingen voor de overige belastingbetalers. Geen enkele algemene overheid scheldt in deze omvang kwijt! Huiseigenaren en bedrijven komen bovendien niet in aanmerking komen voor kwijtschelding.

Een stelselherziening waarin dit probleem zou kunnen worden opgelost en beleidsvelden als inkomensherverdeling en armoedebeleid weer volledig bij de algemene overheid (Rijk en gemeenten) komen te liggen, is veel zuiverder. Het belastingstelsel (doelbelasting), afwegingskader en de bestuurlijke samenstelling van de waterschappen als functionele overheid passen daar niet bij.

Zie verder bij #5 van deze notitie.

3. Prikkels duurzaam waterbeheer versterken

De vervuiler betaalt veel te weinig voor zijn vuile water

De Algemene Waterschapspartij hecht eraan dat het principe ‘de vervuiler betaalt’ ook wordt toegepast in het waterbeheer, zodat er ruimte komt om de heffingen te differentiëren en ‘goed gedrag’ te belonen. Het versterken van de prikkels om te komen tot een duurzamer waterbeheer lijken het meest kansrijk bij de zuiveringsheffing.

De Algemene Waterschapspartij is voorstander van het individualiseren van de waterschapsbelastingen (18+) op basis van de gegevens uit de gemeenschappelijke basisadministratie (GAB).

Zuiveringsheffing toe aan herziening - De AWP wil de zuiveringsheffing zo inrichten, dat er sterke prikkel vanuit gaat voor gemeenten om minder afvalwater naar de rioolzuivering te laten lopen. Het riool wordt behalve als transportbuis voor afvalwater van burgers en bedrijven vooral ook gebruikt voor het afvoeren van regenwater. De Algemene Waterschapspartij pleit om de zuiveringsheffing voortaan per gemeente te heffen en niet meer per individueel huishouden. De gemeente kan beter sturen op vermindering van de hoeveelheid regenwater dat naar de zuivering gaat dan de individuele burgers.

Huidige standaard zuiveringsheffing geen prikkel voor besparingen - Al dat relatief schone regenwater in het riool brengt een paar grote bezwaren met zich mee. Ten eerste moet al dat regenwater ook door het riool worden gepompt en dat kost energie en CO2. Ook wordt het rioolwater bij hevige plensbuien zó verdund, dat de zuiveringsprocessen minder efficiënt verlopen terwijl het rioolwater door het grote aanbod ook nog eens veel sneller door de afvalwaterzuiveringsinstallatie wordt geperst. Ten tweede komt dit regenwater niet in de bodem terecht om de grondwaterspiegel aan te vullen, belangrijk op de zandgronden om verdroging tegen te gaan en essentieel om bodemdaling in de slappe bodems in het westen en noorden van Nederland te vertragen en het grondwaterpeil op niveau te houden om problemen met paalkoppen van funderingen te voorkomen.

Waterbewust gedrag belonen - De Algemene Waterschapspartij wil de burgers in Nederland bewustmaken van water. De gemeente zou het waterbewustzijn rechtstreeks kunnen stimuleren door een extra toeslag op de rioolheffing voor huishoudens zonder afkoppeling van het regenwater en korting voor woningen die wel zijn afgekoppeld.

Heffing waterschapsbelastingen kan efficiënter!

Naast deze drie speerpunten in de belastingherziening van de Algemene Waterschapspartij, willen het landelijk bestuur van de AWP u ook enkele overwegingen meegeven om de efficiëntie van de inning van de waterschapsbelastingen te verbeteren.

4. Zuiveringsheffing

Zuiveringsheffing heffen bij gemeente, zodat er prestatie-afspraken kunnen worden gemaakt

De Algemene Waterschapspartij stelt voor om in de toekomst de zuiveringsheffing niet meer per huishouden op te leggen maar voor alle inwoners samen als lumpsum door de gemeenten te laten betalen. In de huidige zuiveringsheffing zit geen prikkel voor de burger om de hoeveelheid regenwater op het riool te beperken. De gemeente kan hier eenvoudig dekking voor vinden in een toeslag op de gemeentelijke rioolbelasting.

Door de zuiveringsheffing per gemeente te betalen, kunnen gemeenten namens hun burgers prestatieafspraken met het waterschap maken over het verminderen van regenwater en grondwater in het riool, in ruil voor een korting op de gemeentelijke zuiveringsheffing. Gemeenten worden daardoor ook gestimuleerd hun rioolonderhoud voortvarender aan te pakken, wat van belang is voor de grondwaterstand (in sommige gemeenten een belangrijke factor bij het rotten van paalkoppen van funderingspalen).

De zuiveringsheffing mag wettelijk alleen kostendekkend zijn, waardoor het waterschap gehouden is om de kostenbesparingsvoordelen het volgend jaar ‘terug te geven’ aan de gemeente in de vorm van een lagere zuiveringsheffing. Zo krijgen de benodigde investeringen van de gemeente meer rendement.

5. Watersysteemheffing

Watersysteemheffing alleen voor eigenaren van onroerend goed

Het ingezetenendeel van de waterschapsbelasting omvat ca. de helft van de watersysteemheffing. Het ingezetenendeel veroorzaakt hoge perceptiekosten bij de burgers en roept ook veel weerstand omdat burgers niet begrijpen waarom de watersysteemheffing apart wordt geheven.

De Algemene Waterschapspartij wil dat wordt onderzocht wat de mogelijkheden en consequenties zijn van een verschuiving in de watersysteemheffing, als de watersysteemheffing alleen zou worden geheven bij de eigenaren van onroerend goed: de categorieën Gebouw, Ongebouwd en Natuur en bij huiseigenaren. De AWP wil daarmee de watersysteemheffing zo inrichten dat de totale inningskosten substantieel lager worden, de watersysteemheffing minder irritatie bij de burger veroorzaakt en dat de waterschappen geen inkomensbeleid (kwijtscheldingsbeleid) hoeven te voeren.

De kwijtscheldingsdiscussie voor de waterschappen is daarmee van tafel en ook de perceptiekosten zullen aanmerkelijk lager zijn. Inkomenspolitiek en armoedebeleid zijn daarmee terug bij de algemene democratie waar ze ook thuis horen. Voor huurders is er het goed functionerende instrument van huursubsidie en andere gemeentelijke voorzieningen. Huiseigenaren komen sowieso niet in aanmerking voor kwijtschelding.

Elke belastingherziening gaat gepaard met lastenverschuivingen. Aanpassingen dienen zorgvuldig te worden doorgerekend. De door de AWP voorgestelde wijzigingen dienen eveneens zorgvuldig te worden getoetst op dergelijke effecten en waar dit tot evidente onrechtvaardige lastendruk leidt ook te worden gecompenseerd.

De Algemene Waterschapspartij wil de burgers in Nederland bewuster maken van de bijzondere situatie waarin wij in Nederland  leven met water en wil een deel van de besparingen inzetten voor een positieve campagne waarin burgers kunnen participeren.

6. Overige waterschapbelastingen: wegen

Het onderhoud van lokale wegen is géén taak die nog past bij moderne waterschappen

In totaal 5 waterschappen hebben nog een beheerstaak voor het regionale wegennet, met een aparte waterschapsbelasting voor wegen. Met uitzondering van Scheldestromen willen alle overige waterschappen deze taak zo snel mogelijk overdragen (1 waterschap op termijn). Deze herziening van het belastingstelsel moet dan ook worden benut om de oneigenlijke taak van het wegenbeheer uit de wetgeving te schrappen en de taak over te dragen.

De wegenheffing leidt tot grote ongelijkheid wanneer waar in het ene gebied wel de wegenbelasting wordt geheven en het andere gebied niet. In die gebieden waar de gemeenten voor de wegentaak zorgen wordt deze taak o.a. gefinancierd via de OZB. De wegenheffing kent een heel andere kostenverdelingssystematiek en veroorzaakt dus een andere belastingdruk voor de inwoners van de betreffende gebieden. 

 

 

 

Aldus besproken en ondersteund door de Algemene Ledenvergadering van de Algemene Waterschapspartij op 19 maart 2016, in vergadering bijeen in het gebouw van De Stichtse Rijnlanden.


Algemene Waterschapspartij

Namens het bestuur

Ger de Jonge, Voorzitter

Aanleiding & Achtergrond Aanpassing Belastingstelsel Waterschappen

In maart 2014 heeft de OESO geoordeeld dat Nederland haar waterbeheer goed op orde heeft. Ook heeft de OESO aantal aanbevelingen gedaan om het stelsel van waterschapsbelastingen duurzaam en toekomstbestendig te maken. De OESO heeft geconstateerd dat de economische prikkels om efficiënt met ‘te veel’, ‘te weinig’ en ‘te vervuild water’ om te gaan, versterkt kunnen worden. Ook de kwaliteit van ons water is nog steeds niet op orde. 

In reactie op het OESO-rapport is de minister van IenM met de partners in het waterbeheer een discussie gestart over de financiering van het waterbeheer op de langere termijn. Als algemene richting voor die discussie steunt de minister het principe dat degenen die profijt hebben of ingrepen doen die effect hebben op het waterbeheer, ook de daarbij behorende kosten moeten dragen. De minister heeft tevens de onderwerpen genoemd die in ieder geval in dit vervolgonderzoek zullen worden betrokken. Dit zijn de diffuse bronnenproblematiek (zowel bestaande als nieuwe stoffen), het stedelijk water (hemelwaterproblematiek) en de zoetwateronttrekkingen.

Taakopdracht Commissie CAB

De Commissie Aanpassing Belastingstelsel (CAB) zal in opdracht van het bestuur van de Unie van Waterschappen: 

  1. onderzoek doen naar de vraag of het belastingstelsel van de waterschappen op de middellange termijn houdbaar is en verbetervoorstellen formuleren indien blijkt dat aanpassingen wenselijk zijn.
  2. ​In haar onderzoek zowel de watersysteemheffing als de zuiveringsheffing betrekken. 
  3. zich te richten op een toekomstbestendig belastingstelsel met en prominente plaats voor de aanbevelingen van de OESO en de leidende principes die de minister naar aanleiding daarvan heeft geformuleerd en daarnaast ook aandacht hebben voor bestaande knelpunten in het stelsel. 
  4. de door het Uniebestuur geformuleerde en hieronder vermelde uitgangspunten als kader nemen bij haar opdracht. 

Uitgangspunten

  • De democratisch gekozen en gelegitimeerde waterschapsbesturen hebben mogelijkheden om  binnen wettelijke grenzen in te  spelen op regionale verschillen (bestuurlijke keuzes te maken & maatwerk).
  • Het nieuwe belastingsysteem moet toekomstbestendig zijn. Het stelsel moet adaptief zijn en mee kunnen bewegen/in kunnen spelen op toekomstige ontwikkelingen zoals innovaties en ambities op het terrein van duurzaamheid. 
  • Eventuele wijzigingen (en het stelsel dat daaruit voortvloeit) moeten voldoen aan de criteria uitlegbaar, transparant, robuust, rechtvaardig, maatschappelijk gedragen, eenvoudig uit te voeren en doelmatig (lage perceptiekosten).
  • Ook in een nieuw stelsel is het terugwinnen van gemaakte kosten een centraal uitgangspunt.