Voor een beter Noord-Brabant!

Samen voor water, klimaat en leefomgeving

Dit is de webpagina van de AWP in de provincie Noord-Brabant. De AWP richt zich op de thema’s water, klimaat en (duurzame) leefomgeving. Voor Noord-Brabant hebben we 5 provinciale speerpunten benoemd, waarvoor wij ons hard willen maken in het provinciebestuur (klik op de groene button).

Klik hier: de 3 kernthema’s van de AWP

Provincieverkiezing 15 maart 2023

Wij doen mee aan de verkiezingen op 15 maart 2023 voor het provinciebestuur (‘provinciale staten’) in Noord-Brabant. De AWP doet overigens ook mee aan de waterschapsverkiezingen in onze provincie. De waterschapsverkiezingen en de provinciale verkiezingen worden op dezelfde dag gehouden.

Klik hier: laat jouw stem horen via de AWP

Doe mee met de AWP

De AWP Noord-Brabant zoekt nu enthousiaste mensen die op de kieslijst willen staan. En we zoeken mensen die meer op de achtergrond zich willen verdiepen in het beleid van de provincie, om de gekozen AWP-ers straks te ondersteunen. Zo kun je een verschil maken.

Ook zoeken we mensen die willen meehelpen in de AWP-campagne, om zoveel mogelijk stemmen op de AWP binnen te halen. Want hoe meer stemmen we krijgen, hoe meer invloed op de besluiten die de provincie neemt.

Kom erbij!

Interesse om iets te doen voor de AWP? Neem dan contact op voor een kennismakingsgesprek. Of word meteen lid!

Klik hier: 3 redenen om lid te worden van de AWP


Lees verder Onze speerpunten Nieuws

Doe mee met de AWP !
Samen voor water en klimaat
Voor maar 45 euro per jaar
Jongeren: 25 euro per jaar
Welkomstkorting eerste jaar

Word lid!

Nieuws en opiniestukken

Provincie Noord-Brabant wil anders omgaan met water

Nieuws Regionaal Water en Bodem Programma (RWP) 2022 – 2027 Het Regionaal Water en Bodem Programma (RWP) is de opvolger van het Provinciaal Milieu en Wate...

De AWP in de waterschappen maar ook In de provincies.

Eerder aan tafel!

Omdat de ruimtelijke ordening – de invulling van onze ruimte en leefomgeving – meer centraal moet worden aangestuurd, hetgeen ook In het regeerakkoord 2022 wordt onderschreven, en omdat het water daarbij leidend moet zijn, willen we in Brabant eerder aan tafel komen zitten. Water is immers een collectief bezit.

Bouwen in polders onder zeeniveau brengt extra risicos met zich mee. Windmolens en zonneweiden kunnen niet ongereguleerd in landschappen worden toegelaten. Participatie van de burger In de besluitvorming en draagvlak zijn immers de norm van het nieuwe Omgevingswet. Teveel is gedelegeerd aan de dagelijkse bestuursorganen binnen provincie en waterschappen. Nieuwe bovenregionale overlegorganen met democratische bevoegdheden maken het proces echter stroperig. Extra bestuurslagen vinden we niet nodig. De provincie Noord Brabant zelf geeft ons richting:

het democratisch inspraakorgaan voor de burger is er het heet: Provinciale Staten.

De  AWP wil daarom de vertegenwoordiging van de gewone burger op zich nemen in zowel het provinciaal bestuur als in de waterschapsbesturen. Gedreven door haar ervaren waterwortels en met een passie voor het klimaat en leefomgeving . We zijn “blauw met een groene rand”. De AWP erkent het belang van een vaak langgeborgde deskundige inbreng van andere belangengroeperingen: samenwerking met en inbedding van het belang en de ervaring van boeren en bedrijven in overheidsorganisaties kan daarbij ook plaatshebben door deze groeperingen vaste adviesfuncties te geven in bestuursorganen,  na welk advies pas een democratische besluitvorming pas kan plaatshebben. Dat geldt ook voor overheidsorganisaties onderling: een verplichte “watertoets”, maar omgekeerd ook een verplichte weging van de schaarse ruimte – advies door gemeenten – bij het inkleuren van  “polders en wateringen” alvorens besluiten worden genomen, is meer dan noodzaak. De ruimte is schaars en de belangen zijn groot.

Terug naar de roots

De provincie en de waterschappen moeten terug naar hun “roots”.

De provincie kan prima sturing geven aan het Haagse beleid en moet subsidiepotten inzichtelijk maken en de besteding van gelden coördineren. Gebiedsgerichte aanpak met gemeenten en waterschappen is onze aanbeveling, waarbij gewerkt wordt als één overheid die intern haar uitvoerende taken daar legt, waarvan de geschiedenis van heeft aangetoond dat ze dat prima kunnen. Regelgeving, ervaring en plaatselijke betrokkenheid moeten beter op elkaar worden afgestemd. Gemeenten en waterschappen – als “oliemannetjes” goed in de uitvoering – houden daarbij ieder hun eigen rol en leggen daarover verantwoording af aan democratische organen en coördinatoren zoals Provincie, Rijk en Europa. De Deltaplan aanpak mag worden uitgebreid naar meerdere aandachtsgebieden voor klimaat en leefomgeving. Nederland heeft te lang sturing gemist.

We zijn niet voor nieuwe gewestvorming en grote fusies van overheidsorganen omdat de inspraak van de burger maatgevend en ook herkenbaar moet zijn in de besluitvorming. Participatie dus.

Overheidsorganen moeten niet onderling concurreren en door het naar zich toe trekken van taken “belangrijk” willen zijn of daarmee “mooie sier” te maken. Schoenmaker blijf bij je leest.

Dat wil niet zeggen dat onderlinge controle en toezicht op de naleving van Europese waterkwaliteitsnormen,  landelijke en mondiale klimaat- en energieopgaven overbodig is. Integendeel. Als één overheid moet worden opgekomen voor water, klimaat en leefomgeving. Overheden moeten elkaar daarbij scherp houden.

De AWP wil één geluid naar voren brengen voor water, klimaat en leefomgeving in alle organen waarin democratische controle mogelijk is, daarbij gestuurd door een regionale aanpak, maar die geluiden via de Provinciebesturen doorleiden naar Den Haag. Een lijn naar de Eerste Kamer is daarbij een logische. Rechtmatige controle vindt immers daar plaats.

Iedere provincie en waterschap heeft daarbij eigen aandachtspunten. De bodemdaling In het veenweidegebied van het Groene Hart en die op de grens van Brabant en Limburg is van een andere orde dan het bouwen in de polders van West Nederland alsmede de opgave om water vast te houden in en onder de Veluwe (de nationale gieter!), het gebied van de Brabantse Campina en de overige Hoge Zandgronden. Dit klemt temeer omdat ook de beschikbaarheid van gezond drinkwater steeds meer onder druk komt te staan.  “Panorama waterland” is daarbij onze stip aan de horizon. Altijd echter zal waterveiligheid onze prioriteit verdienen. We zijn “blauw met een groene rand”.

Vaarwegen, beken, oppervlakte- en grondwater, economie, bodem en natuur.  Eén systeem en daarbij is sturing nodig.

Water en bodem vormen in natuur en klimaat één systeem. Maar het beheer van (vaar)wegen en beken, alsmede de  verantwoordelijkheid voor onttrekkingen uit de grondwater, het vaststellen en beheer van het waterpeil en ook de naleving van de milieunormen liggen bij verschillende overheidsinstanties. De AWP vindt dit merkwaardig en niet logisch. Coördinatie en sturing is nodig. Zonodig moeten taken worden geherschikt als dat binnen “Europa” of de “Deltaplan” aanpak tot een gemakkelijker en betere uitvoering zou leiden. De weersextremen hebben aangetoond, dat we met onze buren moeten samenwerken en dat een stroomgebied – het water stroomt immers langs, maar bij overlast ook over voorbestemde paden –  daarbij leidend moet zijn.

Vervoer over water en de ontwikkeling van Regionale Overslag Centra zullen In de toekomst nog belangrijker worden voor economische en klimaatrobuuste groei. De “verdozing” van het landschap biedt reden tot zorg.

Zowel over de indeling en het gewenste gebruik van de ruimte, maar ook over het beslag daarvan op de energiebehoefte en de bescheiden mogelijkheid om op het land duurzaam energie op te wekken, zonder dat het Nederlandse polderlandschap wordt aangetast.

De AWP vindt dat we het water- en bodembeheer meer integraal moeten aanpakken zodat de watercyclus – inclusief de verantwoordelijkheid voor het grondwater – onder coördinatie van één overheid komt.

Dat vergemakkelijkt het overzicht over grensoverschrijdende projecten, maar geeft regionale en gemeentelijke overheden tegelijk de mogelijkheden om op hun beurt desgewenst aan te haken bij en gelden beschikbaar te stellen voor initiatieven die voor haar inwoners of bedrijven locaal belangrijk zijn. Anders dan zoals nu vaak gebeurt, waarbij een locale overheid de “trekker” is van een project, maar vervolgens bij andere overheden potten geld voor subsidie moet losweken, terwijl bovendien de locale uitvoeringskennis – uit de markt – nog moet worden ingekocht. Democratische controle is daardoor te ingewikkeld geworden. Wij missen een helicopterview en vragen daar aandacht voor in de organen, waarin we gekozen zijn. De ruimtelijke ordening is al tien jaar zonder sturing overgelaten aan “de markt”. Gelukkig komt er nu weer een ministerie met die naam voor terug. Dat moet echter doorklinken naar de provincies.

De provincies zouden heel goed in staat moeten zijn integrale water- en bodembeheerprojecten te coördineren en tegelijk natuurdoelen, waaronder vermindering van stikstof, te realiseren. Zij moeten de subsidiepotten in kaart brengen en mogen zelf de projectcoördinator zijn om die uit te geven.

Daarbij maken zij dan gebruik van de meest geschikte overheidsinstanties (waterschappen of gemeenten) en wel zodanig,  dat die zich als de genoemde “oliemannetjes” deskundig met de uitvoering van het veldwerk kunnen bezighouden. Dat doen ze al eeuwenlang goed en daar zijn we trots op. Voor het verwerven van gronden wordt op creatieve wijze gebruik gemaakt van civielrechtelijke instrumenten zoals herverkaveling, in beginsel zonder dat tot onteigening leidt. Indien om natuurdoelen (ecologische verbindingszones) te halen en ter doorbreking van de stikstofcrisis agrarische bedrijven zouden (moeten) verdwijnen dan moeten de verdwijnende bedrijven op rechtvaardige wijze worden gecompenseerd. De eeuwenlange zorg voor waterveiligheid (het voorkomen van overstromingen en het verzorgen van het waterpeil in de op het water teruggewonnen polders) alsmede sinds pas vijftig jaren de zuivering van afvalwater via grote netwerken en slimme installaties zijn en blijven de taak voor de waterschappen. Zuivering bij de bron (industrie en ziekenhuizen) zal moeten worden gestimuleerd. Maar het waterschap is niet geschikt om provinciale natuurprojecten te trekken ook al kan ze zich daarmee in de kijker spelen. En een provincie moet zich niet bezig houden met allerlei sociale taken. Ruimtelijke ordening moet haar echte opgave zijn. De overheden moeten vervolgens één geheel zijn: “Samen voor water en klimaat.”

Helicopterview

Het rondpompen van subsidies en lokale coördinatie zouden moeten wijken voor een helikopterview van provincies die daarbij ook de Rijkstaken over de kanalen kunnen overnemen.

Wij zien de  provincie als de economische, natuurstimulerende en waterstaatkundige motor. Het bodembeheer is vitaal en eenmaal gemaakte keuzen kunnen niet gemakkelijk worden teruggedraaid.

In gebiedsvisies zou gekozen moeten worden voor het formuleren van hoofdtaken per regio. Niet alles kan en hoeft immers overal. Samenwerking met onze nationale en Europese partners is een logische ontwikkeling. Daarbij vinden het (agrarisch)bodembeheer en grondwater een centrale plaats. Provincies ontwikkelen zich samen met de waterschappen tot een “klimaat- en bodemschap”. Het waterbeheer zelf wordt door de inliggende waterschappen en locaal ook door gemeenten uitgevoerd.

Provincies zouden het merk en instrument “park” zoals het in Brabant het opkomende Van Gogh Nationaal park, het Geopark Maashorst, en daarbuiten de bekende Hoge Veluwe en de Oosterschelde kunnen inzetten, met duidelijke en controleerbare investeringsagenda’s voor perioden van ongeveer 10 jaren om het draagvlak en de tastbaarheid voor de burger te vergroten. Onderling verbonden waterbekkens (wadi’s in het groot!) moeten zorgen voor waterberging en het doseren daarvan al naar gelang de behoefte is. Dit moet leiden tot een maximaal vertrouwen in één overheid voor water, klimaat en leefomgeving.

 

De AWP is realistisch. Bodemschappen en parkachtige aanpak. 

Niet alles kan overal. Overheden zullen vanuit het gezichtspunt dat ze zouden willen opereren als “bodemschappen” – dus meer dan water – keuzen moeten maken. Daarbij kiezen we in Brabant zoals gezegd, voor een “parkachtige aanpak”: voor de burger herkenbare en sprekende vormen van samenwerking. We werken als overheden en belangenorganisaties, waarvan we de participatie en  advieskracht hoog achten, voortaan samen op regionaal en nationaal niveau, maar worden gedreven door mondiale oplossingen. Daarbij kiezen we voor haalbaar en betaalbaar. Voortdurend geld lenen voor het oplossen van slechts lokale problemen – waaronder het “hobbymatig” opstarten van zogenaamde “pilots”, die slechts goed zijn voor de politieke kijkcijfers, maar meestal bij gebrek aan structureel geld meestal weer verdwijnen  –  is niet wat wij voorstaan. Meer, meer meer, ook al wordt dat voorzien in jarenlang vooruitziende waterbeheerplannen, kan immers ook teveel worden. Het klimaat en leefomgeving verdienen een mondiale aanpak. Na het succes van het plan “Mansholt” – nooit meer honger – dat ons land tot een van de grootste voedselproducenten ter wereld maakte, komt er een tijd van bezinning. Minder voedselproductie kan leiden tot een realistisch evenwicht en een oplossing zijn voor de stikstofproblematiek. Maar we hoeven met windmolens, zonneweiden en kernenergie niet het ijverigste jongetje van de klas te zijn. Wel hebben we hiervoor een “open mind”.  Opkomende economieën hebben een inhaalslag te maken, welke we hen ook moeten gunnen. Ze hebben op hun beurt ook een eigen verantwoordelijkheid naar “ons” deel van onze planeet toe. We doen alles dus met mate en met het oog op een verstandig en betaalbaar evenwicht.

 

Rini Hermus

Lid van de AWP strategiecommissie en een enthousiast meedenker en vormgever aan AWP Brabant!

 

 

 

 

 

 

Klik hier: 3 redenen om lid te worden van de AWP