Vallei en Veluwe

Extremer weer? Wen er maar aan!

Blog van ir. Jos Peters, geschreven t.b.v. een bijeenkomst van AWP Vallei en Veluwe
Management Consultant Drinkwater bij Royal HaskoningDHV

 

2 augustus 2022 – Natte perioden worden natter. Daarentegen maken we ook steeds langere perioden door waarbij regen uitblijft. Dat is momenteel weer het geval. Zomerse neerslag, als die er is, dan valt die in steeds intensievere hoosbuien. Je hoeft geen deskundige te zijn om te weten dat dus in ons watersysteem de extremen extremer worden. Én in de peilen én in de afvoeren. Ook in die van Rijn en Maas. Wat betekent dat voor het waterbeheer?

Ja, ons klimaat verandert. En daar spelen we onvoldoende snel op in. Na drie droge voorjaren op rij (2018, 2019, 2020) werd Zuid-Limburg, ruim een jaar geleden, midden in de zomer, verrast met langdurige, intensieve regenbuien. Het leidde tot overstromingen in Valkenburg en tot tientallen doden in België en Duitsland.

Dit jaar 2022 begon kletsnat: alleen al in de maand februari viel in Nederland gemiddeld 120 mm. Voor wie van getallen houdt: in die korte maand was dat in heel Nederland in totaal ongeveer 5 miljard m³. Het watersysteem stond ‘nokkie nokkie’: alle hens aan dek. Water haalde weer eens de kranten. Zelfs het Woudagemaal (UNESCO werelderfgoed) was een aantal dagen ´onder stoom´. Op een regenachtige 24e februari reisde ik af om dit meer dan een eeuw oude gemaal in volle glorie in werking te zien. Geen spijt van deze trip naar Lemmer. Zeer imposant. Met inzet van veel vrijwilligers pompte het gemaal dagenlang 6 miljoen m³ per dag uit de Friese boezem naar het IJsselmeer.

We only worry for a day, then stop to bother

En toen werd het maart en droog. Paar druppels begin april. Rest van die maand: gortdroog. Tot midden mei geen druppel met als gevolg: Stuivende landerijen en boeren die beregenen en irrigeren, in mei al. Ook juni en juli waren droog. Momenteel (2 augustus 2022) bedraagt het neerslagtekort gemiddeld 220 mm. Voor heel Nederland (ons land heeft een oppervlak van ongeveer 4 miljoen ha) is dat dus bijna 9 miljard m³. Als augustus en september droog blijven, gaan we wel weer uitkomen op 300 mm, zoals in het zeer droge jaar 2018. Of wellicht zelfs op 350 mm, zoals in het recordjaar 1976. De tijd zal het leren.

In mei al waren er koppen in de kranten: ‘Het is alwéér extreem droog in Nederland’ (Volkskrant 13 mei 2022) en ‘Droog voorjaar gaat gelijk op met recordjaar 1976’ (NRC, 16 mei 2022). Opnieuw had water (dit keer het gebrek daaraan) volop de aandacht. En nu? Als het gaat om water, als er geen doden vallen, zijn we kort van memorie. In natte tijden of bij langdurige zomerse droogte, haalt water de voorpagina’s. Snel daarna zijn we opgeslokt door andere kwesties. Davina Michelle bezingt het prachtig in het nummer The Power of Water: ‘Why don’t we care a little longer? We only worry for a day. Then stop to bother.’ Áls de gewone burger al praat over water, dan is dat kortdurend. Waarom zou hij zich druk maken? Het Nederlandse water is toch dik voor elkaar? Nederlanders zijn uitermate weinig waterbewust. En dus is er geen enkele urgentie voor wateropgaven.

Ruimte is schaars in ons land. Maar laten we elkaar niet aanpraten dat er structureel een tekort aan water is. Ik heb collega’s all over the world. Toen ik ooit één van hen, een Zuid-Afrikaan, vroeg: ‘Hennie, wat valt jou op in Nederland?’ antwoordde hij ‘Jos, in my country everything is brown, in yours’ everything is green’. Ik leg me erbij neer als we spreken over waterschaarste als dat helpt om water te waarderen of te beprijzen (‘water is niet gratis’) of om een prikkel te creëren om slimmer met water om te gaan. Maar te weinig water? Op jaarbasis en nationale schaal is er echt genoeg. Al zijn er natuurlijk verschillen in ruimte en tijd. Niet de hoeveelheid water die uit de lucht valt of via rivieren ons land binnenstroomt, is het probleem. Voor de drink- en industriewatervoorziening zit de uitdaging in het vinden van winlocaties, in het doorlopen van procedures die leiden tot win-, aanleg- en omgevingsvergunningen, in de ruimtelijke aanwijzing van wingebieden, in de actieve bescherming van de bronnen. En in de recente zomers heel concreet in winvergunningen die worden overschreden en in piekhoeveelheden die met moeite door een leidingnet passen. Een verbod op het vullen van zwembaden of besproeien van tuinen zou soelaas bieden. En waarom ook niet, drinkwaterbedrijven elders in de wereld zijn ermee bekend. Voor het landbouwbedrijfsleven is het probleem van een andere orde: regen valt in de winter, terwijl gewassen vooral in de zomer water nodig hebben.

Waterbalans van Nederland

Voor de waterbalans zijn grote getallen nodig. Ons kleine land is afgerond bijna 4 miljoen hectare groot. Op elke hectare valt jaarlijks gemiddeld 9 duizend m³ zoete neerslag. Dat is 25% meer dan een eeuw geleden. De totale jaarlijkse neerslag in Nederland anno 2022 schat ik op ongeveer 35 met 9 nullen m³: 35 miljard m³. Ter vergelijking: waterbedrijven leveren iets meer dan 1 miljard m³ drinkwater. Verdamping, vooral van gewassen en andere vegetatie, schat ik op ongeveer 20 miljard m³. Deze hoeveelheid raken we kwijt. Maar het is duidelijk, op jaarbasis is er sprake van een groot neerslagoverschot. Het kan niet anders, op jaarbasis moeten we water afvoeren naar open water en uiteindelijk naar de zoute Noordzee. Zonde, zeker als we dat doen buiten de natte periodes.

De verdamping nam sterk toe toen we de landbouw (en dus de gewasverdamping) optimaliseerden en toen we eind 19de eeuw begonnen met grootschalig naaldbos aanplanten, bijvoorbeeld op de Veluwe. In naaldbos raak je veel water kwijt, het verdampt ongeveer 6 duizend m³ per hectare. Enkel de 50.000 ha naaldbos op de Veluwe verdampt jaarlijks 300 miljoen m³. Het is essentieel om met verdamping serieus rekening te houden. Op een tropische dag vervluchtigt uit het IJsselmeer 5 keer meer dan in heel Nederland uit kranen stroomt. Natuur en landbouw zijn de grootste ‘verbruikers’ van water. Wereldwijd gaat 70% van het beschikbare zoete water naar gewassen.

Nog een verliesterm: uitslag door gemalen. In Noord- en West-Nederland is dat naar mijn zeer ruwe schatting 10 à 15 miljard m³ per jaar: neerslagoverschot en kwelwater. Vraag aan de lezers: is er iemand die hierover cijfers heeft? Alleen al de gemalen van Zuiderzeeland pompen jaarlijks 1 miljard m³ weg uit de Flevopolders naar het IJsselmeer. Daarentegen brengen de twee rivieren Rijn en Maas samen, in Lobith en Eijsden, ongeveer 75 miljard m³ naar Nederland. Nogmaals, gemiddeld is er echt genoeg. En ja ik weet, het gaat niet altijd om gemiddelden. Planten kunnen ook verdorren als ze gemiddeld voldoende water krijgen. En je kunt verdrinken in een plas die gemiddeld maar 1 meter diep is.

De winters worden natter, in voorjaar en zomer maken we steeds langere, droge perioden door, zomerse neerslag kan vallen in helse hoosbuien. Dus zullen we ons waterbeheer moeten aanpassen. Tegenwoordig noemen we dat ‘herijken’. Is dat makkelijk? Zeker niet. Gaat dat ons lukken? De geschiedenis leert dat we grote opgaven aankunnen. Waterbeheer was ooit erop gericht om land te winnen of begaanbaar te maken. Of juist niet in geval van oorlogsdreiging of een oprukkende vijand. Later werd het watersysteem in Oost-Nederland met het rechttrekken van waterlopen en het graven van greppels en sloten ingericht op ‘optimale omstandigheden voor het landbouwbedrijfsleven’. Ik zou niet weten waarom we een nieuwe uitdaging niet opnieuw aankunnen. Maar dat gaat pas lukken als we echt urgentie voelen, samen ons land opnieuw uitvinden en zoeken naar een nieuwe inrichting, begrip hebben voor ieders belang, kijken naar het hele watersysteem en vooral, snappen hoe dat werkt.

Adaptief waterbeheer is van alle tijden. De watertransitie houdt in dat we nu wél gaan doen wat we decennia hebben nagelaten: anders omgaan met water, niet langer blijven hangen in nog meer beleid, evaluaties en analyses, tempo maken, durf en lef tonen om ingrijpende maatregelen ook echt te treffen. Alleen dán kunnen we samen de onvermijdelijke, noodzakelijke watertransitie in gang zetten.

Punt dat ik hier nogmaals maak is het volgende: het is niet slim om het groeiseizoen op 1 april te beginnen met een leeg watersysteem. Als we verstandig zijn, voeren we niet in maart en zeker niet in april nog water af. Afvoeren in mei zou zelfs verboden moeten worden. Als we verstandig zijn, zetten we al op 1 maart schuiven en stuwen hoog. En duikers dicht. Door klimaatverandering ontkiemen en groeien planten en gewassen al in maart. Verdamping komt dus weken eerder op gang dan decennia geleden. Naar mijn mening moet het zomerregime gelden zeg vanaf 1 maart, niet pas vanaf 1 april. Dat is te laat.

Ons land is een vergiet met te veel gaten

Een paar maanden geleden, in een opiniestuk, vergeleek ik ons land met een vergiet (Volkskrant, 31 maart 2022). Daarin stel ik me op het standpunt dat we meer kampen met verdroging dan nodig is. Want verdroging veroorzaakten we deels zelf toen we decennia geleden sloten en greppels groeven en slootafstanden halveerden. In sommige gebieden is de jaargemiddelde grondwaterstand nu zeker een halve meter lager dan 50 jaar geleden. Was er eerst sprake van een reservoircoëfficiënt van 4 maanden, het huidige watersysteem houdt water slechts 4 weken vast. En, zoals we pijnlijk merken, duren perioden van droogte inmiddels veel langer dan 4 weken.

Ik ben op zoek naar illustratieve voorbeelden uit de praktijk. De website van Waterschap Rijn en IJssel geeft een schat aan informatie. Onder andere over het daggemiddelde van de totale afvoer over de stuw in Doesburg. Er zijn 3 waterlopen die water uit Oost-Gelderland afvoeren: Schipbeek, Berkel en vooral Oude IJssel. Feitelijk is de laatste het grootste putje van Oost-Gelderland. Over de stuw Doesburg loopt het watersysteem van de Achterhoek letterlijk leeg. Ik wil benadrukken dat het niet alleen gaat over de hoeveelheid water. Het gaat ook om de snelheid waarmee water wordt afgevoerd.

Bovenstaande grafiek is van genoemde website. Let op hoe snel de groene lijn (Stuw Doesburg Totaaldebiet Daggemiddeld) reageert: in de natte maand februari met snelle pieken omhoog en in de droge maand maart scherp dalend omlaag. Op 21 februari (aan het eind van de natte periode) was de totale afvoer (als daggemiddelde) 70,4 m³/sec. Vier weken later, op 21 maart, was die gedecimeerd, nog slechts 7,6 m³/sec. In de tweede week van april was er nog een razendsnelle opleving van de afvoer ten gevolge van de regen in de eerste dagen van die maand. Ondanks maatregelen die zijn getroffen, is ook Oost-Gelderland nog steeds een vergiet dat te snel leegloopt. De reservoircoëfficiënt is te gering. En daar zijn we zelf voor verantwoordelijk. Interessant is het om dit nader te onderzoeken, als dat niet al is gebeurd.

Iedere waterprofessional kan het opdreunen: vasthouden-bergen-afvoeren. Deze drietrapsstrategie uit het rapport van de Commissie Waterbeheer 21e eeuw (al meer dan 20 jaar oud dus) houdt in dat we regen eerst en vooral vasthouden, lukt dat niet, dan opslaan en lukt ook dat niet, dán pas afvoeren uit een gebied. Doel is het onthaasten van het water om overlast ‘benedenstrooms’ te voorkomen en verdroging ‘bovenstrooms’ tegen te gaan. Dat is althans het beleid. Maar leven we ook daarnaar? Bang voor natschade en wateroverlast maakten we greppels, drainbuizen, sloten, weteringen. Van oudsher voeren die regenwater snel af. Te snel. Nog steeds. Ondanks alles wat waterschappen de afgelopen jaren deden: Het Is Te Weinig. Bewijs uit het ongerijmde? Als je water ziet stromen, dan houden we het niet vast. Onderstaande foto maakte ik midden juni, toen het al meer dan een maand niet had geregend.

Accepteren dat het ook wel eens te nat kan zijn

Ik las een boeiend artikel in het vaktijdschrift H2O (20 mei 2022). Het was op basis van interviews met medewerkers van twee waterschappen en van Natuurmonumenten. De geïnterviewden bleven er maar op wijzen dat de natte maand februari ‘nergens tot noemenswaardige wateroverlast heeft geleid’, ‘niet tot grote problemen heeft geleid’ en dat er ‘nergens grootschalige wateroverlast is opgetreden’. Ik ben van mening dat als dat het geval is, als het nooit te nat is, zelfs niet in een kletsnatte maand februari met extreem veel regen, dan zal het in de maanden daarna structureel te droog zijn. We mogen niet eisen (op straffe van claims) dat overal, altijd, alles optimaal is. In de winters niet te nat en in de zomers niet te droog. Als we verstandig zijn, verlaten we de idee dat alles maakbaar is, dat elk landgebruik overal mogelijk is. De watersituatie bepaalt het landgebruik. Als motto: functie volgt peil. En niet andersom. Dat kwartje is al wel gevallen. Nu is het zaak dat we deze beleidsregel ook echt gaan opvolgen. Dat betekent accepteren dat niet alles overal kan. Soms zal het te nat zijn, soms te droog. Wen er maar aan. Ik sluit me aan bij de slotconclusie van het genoemde artikel: ‘zolang er geen aanwijzingen zijn dat de waterschappen, terreinbeheerder en grondeigenaren veel veranderingen hebben uitgevoerd in de haarvaten van ons watersysteem, lijkt de conclusie gerechtvaardigd dat er nog niet voldoende gebeurt om water écht vast te houden en zo de effecten van droogte te beperken of te voorkomen’.

Ik wil graag positief eindigen. Het stemt me hoopvol dat er ook voorbeelden zijn die navolging verdienen. Op 30 mei las ik het fijne bericht dat de forse buien die half mei vielen in Oost-Brabant voor waterschap De Dommel gelukkig geen aanleiding waren om in Oost-Brabant de stuwen lager te zetten. Daarom mijn advies: Structureel hooghouden die stuwen, zéker na een droge periode en zéker in de zomer. Anders wordt het structureel te droog. Zoet water lozen? In de periode medio maart tot medio september zou het verboden moeten worden.

© foto’s en tekst Jos Peters

Wat hebben Suriname en waterschap Vallei en Veluwe gemeen?

Nieuws 7 augustus 2022 – Wat hebben Suriname en waterschap Vallei en Veluwe gemeen? Het antwoord op de vraag wat waterschap Vallei en Veluwe en Surinam...

Water van de toekomst vraagt vandaag actie

Nieuws Samen met dijkgraaf Marijn Ornstein presenteert het jeugdbestuur van waterschap Vallei en Veluwe de Jeugdbestuursagenda. De volwassenen in het algemee...

Stop met inkomenspolitiek in het kwijtscheldingsbeleid

Nieuws Stop met inkomenspolitiek in het kwijtscheldingsbeleid 4 juli 2022 – Waterschappen heffen belasting om de kosten te dekken. Waterschap Vallei en...

Geen nieuwe termijn voor Ron van Megen als voorzitter van het AWP-hoofdbestuur

Nieuws Geen nieuwe termijn voor Ron van Megen als voorzitter van het AWP-hoofdbestuur 18 juni 2022 – AWP-hoofdbestuurslid Fokke van Zeijl (rechts op de...

Hillebrand Ehrenburg beëdigd

Nieuws Dijkgraaf Marijn Ornstein feliciteert AWP’er Hillebrand Ehrenburg met zijn beëdiging tot commissielid in het bestuur van waterschap Vallei en V...

Beter in beeld bij de kiezer

Nieuws AWP Vallei en Veluwe voerde bij de vorige waterschapsverkiezingen onder meer campagne met een mooie graffiti tegenover de Ikea in Amersfoort Beter in ...